Depotschatje 2: Einreiseerlaubnis van Dick Poerink

Het Vughts Museum wil zo’n goed mogelijk beeld geven van de geschiedenis en cultuur van Cromvoirt, Helvoirt en Vught. Daarbij maakt het museum gebruik van allerlei voorwerpen en kunst uit het depot. Maar veel objecten blijven in het depot liggen of hangen. Elke maand kiezen de vrijwilligers van de Registratie een ‘Depotschatje’ uit, om op deze manier te belichten.

De collectie van het Vughts Museum omvat tal van objecten, documenten en foto’s die betrekking hebben op de Tweede Wereldoorlog, variërend van pakjes sigaretten, gedenkborden en distributiebonnen tot granaathulzen en stenguns. En ogenschijnlijk eenvoudige briefjes die hier worden besproken. Het zijn reisbescheiden.

Vrij overal reizen door het land mocht op een gegeven moment niet meer van de bezetter. Zo ondervond Gerhard J.E. (Dick) Poerink, die in Vught woonde. Hij moest voor zijn werk als advocaat een paar dagen op pad en ging daarvoor naar villa Roucouleur aan de Glorieuxlaan waar vanaf november 1941 de ‘Beauftragte des Reichskommissar’ voor Noord-Brabant zetelde. Een ‘Polizeioffizier’ verstrekte hem een ‘Einreiseerlaubnis’ voor de provincies Overijssel en Gelderland. Hij was gerechtigd daar van 9 tot 11 september 1943 te reizen en te verblijven voor zakelijke of beroepsmatige aangelegenheden. Na afloop had Dick Poerink de Ausweis aan de Beauftragte terug moeten sturen, maar dat heeft hij nagelaten.

Op 27 september 1944 – de geallieerden waren nog maar enkele weken in ons land, maar hadden Vught nog niet bevrijd – kreeg Dick Poerink een ‘Bescheinigung’ om van Vught naar Hedel te fietsen, en terug. Voor dat papiertje moest hij zich vervoegen bij de ‘Wehrmachtkommandantur Hertogenbosch’ die in een grote gevorderde villa aan het Julianaplein in de stad was gevestigd. Bang dat een Duitser onderweg zijn fiets zou afpakken, hoefde hij niet te zijn. De dienstdoende militair had de Bescheinigung gelukkig voorzien van de aantekening “Das Fahrrad darf nicht requiriert werden.”

Urijan Poerink